BESTELADRES BACK   NEXT

The story of Iona

Rosemary Power

Van alle huidige leden van de Iona Community is Rosemary Power waarschijnlijk het meest ingevoerd in de geschiedenis van de Hebriden en in Keltische spiritualiteit. Ze heeft zowel middeleeuwse Noors-Gaelic literatuur gestudeerd als theologie. Die achtergrond schept verwachtingen als je een nieuw boek van haar tegenkomt over de geschiedenis van Iona. Die verwachtingen worden bewaarheid. ‘The story of Iona’ is een bijzonder boek, omdat het zowel een reisgids is als een geschiedenisboek met niet alleen aandacht voor gebouwen maar ook voor de spiritualiteit van de mensen die deze gebouwen gemaakt en bewoond hebben. De nadruk ligt op het terrein van de Abbey en de Nunnery, maar ook andere bezienswaardigheden op het eiland worden niet vergeten.

De opbouw van het verhaal

   Het boek bestaat uit drie delen. Het eerste deel gaat over het kloostercomplex dat door Columba is gesticht en over de monniken die volgens zijn regel geleefd hebben. Van deze periode is weinig meer zichtbaar. Alleen de hoogkruizen, de Street of the Dead en de vallum (de aarden wal die het complex omheinde) getuigen er nog van. En met een beetje goede wil Saint Columba’s Chapel en St Oran’s Chapel. Zij zijn gebouwd op de fundamenten van vroegere kerkjes. Power neemt je evenwel als lezer mee op een virtuele reis over het complex en door de tijd. Na een introductie van het eiland beschrijft ze in zeven hoofdstukken, die telkens een eeuw bestrijken, de geschiedenis van de kloostergemeenschap. Zo krijg je een indruk hoe het complex er in elke eeuw uit moet hebben gezien, hoe de monniken er leefden en welke invloed zij hadden op de wijdere omgeving. Maar ook hoe de gemeenschap op Iona te lijden had onder de invallen van de Noormannen en ze haar rol verloor als belangrijkste klooster in de traditie van Columba. Elk hoofdstuk bevat ook minstens één fragment van een tekst die in die eeuw moet zijn geschreven, mogelijk zelfs door monniken op Iona en anders wel door hen gebruikt.

Het Benedictijnse klooster en de Nunnery

   Het tweede deel bestrijkt de periode tussen 1203 en het begin van de reformatie. In 1203 krijgt de nieuwe abt Cellach toestemming van paus Innocentius III om een Benedictijns klooster te stichten op het terrein. Ook alle bezittingen van het oude klooster op de omliggende eilanden gaat over naar dit nieuwe klooster. De bouw wordt snel ter hand genomen, maar in de zomer van 1204 vernietigen Ierse monniken, die het niet met deze overgang eens zijn, het bouwcomplex. In 1210 wordt dit nog eens dunnetjes overgedaan door een groep Noormannen. Onomstreden was de overgang dus niet. Het klooster werd gebouwd op de plek waar de oude gebouwen hebben gestaan met één uitzondering: Saint Columba’s Chapel bleef. Later is dit klooster nog enige keren uitgebreid.
Uit ongeveer dezelfde tijd dateert de Nunnery, een vrouwenklooster van Augustinessen, wat dichter bij het dorp. Er zijn geen stichtingsbrieven bewaard gebleven. De meesten gaan er vanuit, dat dit klooster in 1207 is gesticht door Ragnall, een zoon van Somerled, Lord of the Isles, en dat zijn zus Bethoc de eerste abdis was. Rosemary Power houdt een pleidooi voor een wat eerdere stichting, vermoedelijk eind 12e eeuw. Twee grote bouwprojecten tegelijk zou wat veel zijn voor de familie van Ragnall en de afwerking van de muren die nu nog overeind staan, lijkt niet op een haastklus.
Dit deel heeft nog het meeste weg van een reisgids. De gebouwen worden uitgebreid beschreven, maar ook hier geeft Power verhalen over Columba en liturgische teksten.

Nawoord

   In een kort nawoord beschrijft Power de geschiedenis van Iona na de reformatie en de herbouw van de Abbey door de Iona Community. Het meest interessant in dit deel vond ik de herkomst die Power geeft van twee bekende teksten. Het gebed ‘O, Christ, the master Carpenter’, dat elke dinsdag tijdens de ochtenddienst in de Abbey wordt gebeden en dat in Nederlandse vertaling te vinden is in de groene liedbundel (p. 127-128), blijkt een bewerking te zijn van een gebed dat oorspronkelijk is geschreven door Arthur Gray Butler (1831-1909) en dat in prozavorm in de jaren dertig werd gebruikt door de padvinders. (p. 141)

Iets soortgelijks geldt voor onderstaande tekst:

Deep peace of the running wave to you
Deep peace of the flowing air to you
Deep peace of the quiet earth to you
Deep peace of the shining stars to you
Deep peace of the Son of peace to you.

Dit gebed zou een bewerking zijn door een lid van de Iona Community van enige regels uit een groter gedicht van Fiona MacLeod, geen familie van George, maar het pseudoniem van William Sharp (1860 – 1905), die jarenlang ook op Iona gewoond heeft. (p. 135) Het boek wordt afgesloten met een uitgebreide literatuurlijst. Het bevat een groot aantal zwart-wit foto’s, deels gemaakt door David Coleman.

Conclusie

   Wie na een bezoek aan Iona meer wil weten over het ontstaan en de achtergrond van Iona Abbey en de andere gebouwen, heeft hieraan een interessant boek. Het is een mooie aanvulling op de gids van Historic Scotland, omdat het meer ingaat op de geschiedenis en gebruik maakt van een groot aantal historische bronnen. Ook heeft Power meer oog voor de spirituele aspecten van het verhaal van Iona. Het fotowerk is van mindere kwaliteit. Je kan het boek ook gebruiken als reisgids. Een minpuntje vind ik, dat de taal op sommige plaatsen wat dor is vanwege het vele gebruik van passieve zinnen.

Jan Maasen

BACK TOP