In memoriam:

GRAHAM MAULE (1958-2019)

Op 15 januari 2020 stuurden John Bell, Gail Ullrich en Jo Love, de overgebleven leden van de Wild Goose Resource Group, het volgende bericht:

Lieve vrienden,
Gedurende de laatste paar weken, zowel voor als na het overlijden van Graham, hebben we veel berichten van medeleven, bemoediging en steun gekregen, te veel om ieder afzonderlijk te antwoorden, al zouden we dat nog zo graag willen.

Beschouw daarom dit bericht als teken van onze waardering voor jullie belangstelling en gebed. We hebben een onvervangbare collega verloren, een vriend, vol humor en wijsheid, maar zijn nalatenschap zal op aarde blijven, zoals zijn leven voortgaat in de hemel.

Op vrijdag 10 januari hebben we hem met meer dan 400 mensen in St. Mary's Episcopal Cathedral in Glasgow vaarwel gezegd voor zijn laatste reis. Het was een intense bijeenkomst, waarin we het leven van een diepzinnige, creatieve, inspirerende en aardige man vierden. Voor degenen die er niet bij waren, voegen we een in memoriam toe dat enige indicatie geeft van zijn volle en ten volle geleefde leven. Graham laat zijn partner Mel achter, zijn moeder Margaret, zijn broer Stuart en zijn zussen Aileen en Susan.

In memoriam: GRAHAM MAULE

(24 eptember 1958 Ė 29 december 2019)

De wereld werd stiller toen Graham Maule op 29 december 2019 uit dit leven overging naar het Grote Leven. Hij hield van muziek, in het bijzonder van zingen, en hij, een ongeschoolde zanger met een pakkende onschuldige stem, maakte het anderen mogelijk en spoorde anderen aan om mee te zingen met het lied in Groot-BrittanniŽ en daarbuiten.

Graham is geboren in 1958. Hij studeerde architectuur aan de Universiteit van Glasgow, en was al heel dichtbij zijn beroepskwalificatie, toen hij die roeping opgaf omdat hij, in zijn eigen woorden, "geen brood wilde verdienen met stenen".

Zeven jaar lang werkte hij vrijwillig en soms betaald als jeugdwerker, op het laatst voor de Iona Community, toen hij collega werd van John Bell en nauw met hem ging samenwerken. In het begin ontwikkelde hun liturgische werk zich in de context van maandelijkse jeugdbijeenkomsten in Glasgow, waar tot wel vierhonderd jonge mensen kwamen. Deze bijeenkomsten eindigden altijd met een viering waarin traditionele muziek van het Zuidelijk halfrond en de liederen door hen zelf geschreven voor speciale gebeurtenissen, zonder bladmuziek drie- of vierstemmig werden gezongen door teenagers die niets hadden met kerkmuziek.

Sommige van deze jonge mensen waren betrokken bij de oprichting van de Wild Goose Worship Group die nu al 18 jaar tijd en creativiteit investeert in het ontwikkelen van materiaal voor vieringen waar iedereen aan deelneemt, die de gemeentezang, symbolische handelingen en gezamenlijk nadenken over de Schriften enorm bevordert. Samen met deze groep en de professionele Wild Goose Resource Groep die hieruit voortkwam, maakten John en Graham meer dan dertig zangbundels, Bijbelse overdenkingen en daarbij behorend materiaal voor de eredienst.

Grahams bekwaamheid als architect, zijn oog voor de verborgen mogelijkheden van kerkgebouwen en zijn aangeboren creativiteit maakten van hem een soort liturgische pionier die wat je zou kunnen noemen een liturgie schiep waarin de gemeente meespeelde, gebaseerd op alles van de Toren van Babel tot de Maaltijd van de Heer, via het Hooglied. Dit alles vroeg ook om het maken van tijdelijke constructies waarmee de deelnemers konden meedoen. Veel van deze liturgieŽn werden eerst in de Iona Abbey opgevoerd en verscheidene daarvan zijn gebruikt in verre oorden zoals Canada en RoemeniŽ.

Bell en Maule schreven nooit liederen voor wedstrijden. Zij geloofden dat een gemelde noodzaak, een gebrek aan geschikte materialen of een spiritueel inzicht het uitgangspunt moest zijn. Ze schreven evenmin ooit speciaal om te publiceren. Al hun gepubliceerde en niet gepubliceerde liederen werden doorgenomen, gewijzigd en soms verworpen door de liturgiegroep waar zij leiding aan gaven. Daarna werden ze "op de weg" getest in verschillende situaties. Zij waren ervan overtuigd dat religieuze liederen voor gebruik in de gemeente geen persoonlijke stichtelijke liedjes moesten zijn, maar teksten waar het volk van God Amen op kon zeggen. En omdat zij beiden gezegend waren met een jeugd in gezinnen waar vanaf hun kindertijd volksliedjes werden gezongen, vonden ze het leuk om die melodieŽn te paren aan nieuwe teksten Ė een praktijk die werd beschouwd als vloeken door de muzikale elite van het Schotse Presbyterianisme, hoewel dat nooit enig bezwaar opperde als het ging om de hang naar volkswijsjes van Ralph Vaughan Williams, zoals gepubliceerd in het Engelse Liedboek (1906) waarvan hij de muziekredacteur was.

Hoewel Bell en Maule nooit reclame maakten voor hun werk, wilden uitgevers van overzee graag het recht om hen te vertegenwoordigen en, in de meeste gevallen, hun werk te vertalen in uiteenlopende talen zoals Fries en Japans. Graham, die goed zakelijk inzicht had, hield dit in de gaten en overtuigde de vertalers er behendig van dat net zoals de teksten het resultaat waren van samenwerking met diverse personen, de vertalingen ook gezamenlijk moesten worden gemaakt. In 2011 werd aan Graham door de Universiteit van Edinburgh een doctoraat toegekend voor zijn proefschrift met de titel Sacerludus (heilig spel). Het is een studie naar ritueel met betrekking tot uitvoerende kunst en liturgie en is een bevestiging van Grahams diepe overtuiging dat de menswording van Christus zowel over het lichaam als over theologie gaat.

Maar in alle stukken waarin hem lof wordt toegezwaaid na zijn dood, werd op overweldigende manier dankbaarheid tot uitdrukking gebracht voor het geluid van zijn eigen stem, zijn aanstekelijke enthousiasme voor het lied van de Christelijke gemeenschap, en zijn overtuiging dat woorden er toe doen en dat die daarom verstandig gekozen behoren te worden.

Grieshog 58  april 2020