This is the Day   Neil Paynter
Our hearts still sing   Peter Millar
Ik mag weer mens zijn   Lina van Mellaert
I will not sing alone   John L. Bell
Cherish the Earth   Mary Low
Op zoek naar sporen van God   Red. Anne-Marieke Koot en Gerard Moorman
Over selkies, een zeehond en de ziel   Annie Heppenstall-West
Keltische schatten   vertaald door Louis Runhaar
Op weg met Iona   Peter Millar vertaald door Elisabeth van Allen
De kleur van God   Roel Bosch
Fencing In God’s People   Wild Goose Resource Group
Regel-maat   Kathy Galloway

besteladres:  www.kerkboek.nl

De Keltische manier van bidden   Esther de Waal

Een recensie schrijven over een boek dat in 1997 is uitgegeven en in 1999 is vertaald, klopt eigenlijk niet. Ware het niet dat Stichting Docete een stapel laatste exemplaren heeft opgekocht en dat dit bijzondere boek aldaar nu slechts voor 10 euro te koop is.
De schrijfster Esther de Waal is een van de meest vooraanstaande kenners van het Keltische christendom, wonend aan de rand van Wales. Naarmate zij dieper ging in haar onderzoek van het Keltische erfgoed ontdekte zij dat het haar diep raakte op vele niveaus, die geen deel van haar twintigste-eeuwse opvoeding en opleiding waren geweest.

Het boek bevat 222 bladzijden in zeer leesbare letters verdeeld over 10 hoofdstukken. Elk hoofdstuk is rijk voorzien van vele voorbeelden van liederen, gebeden en zegenwensen uit de rijke eeuwenoude Keltische traditie. Ons hoofd wordt al lezende niet alleen met informatie gevuld, maar gevoelsmatig treed je een andere wereld binnen… een wereld vol poëzie.

Enkele weken voordat ik voor de eerste keer een voet zette op Iona (juni 2000), kreeg ik dit boek cadeau. Op het strand, tussen de rotsen en in de tuin van mijn B&B-huis las ik over de Keltische manier van bidden, als een bidden met mijn hele zelf, niet alleen met woorden, maar ook met mijn hart, met mijn gevoelens, gebruikmakend van beelden en symbolen vanuit onze diepste bronnen.

Esther de Waal ziet het gebed als een reis. Het is peregrinatio: een op zoek gaan, een spoor volgen, avontuur, zwerven, ballingschap om de plek van mijn wederopstanding te vinden, het zelf dat ik mag hopen te zijn, te worden, het ware zelf in Christus. We gaan op reis vanuit een innerlijke aandrang, vanuit liefde voor God of Christus; in wezen is het gebed een innerlijke reis.

Kenmerkend voor Keltisch Christendom is de drie-enige God, niet op een verre, afstandelijke en ontoegankelijke manier verwoord, maar als drie personen die zijn verbonden in een eenheid van liefde. St. Patrick bukte zich ooit om een kleine klaver te plukken en daarmee de Drie-eenheid te verklaren. Ze is voor De Waal niet meer een dreigend geheimenis, maar een geheim dat haar draagt, vernieuwt en kracht geeft.

Drie vouwen heeft de stof,
toch is het slechts één doek.
Drie kootjes heeft de vinger,
toch is het slechts één vinger.
Drie blaadjes heeft de klaver,
toch is het slechts één klaver.
Sneeuwvlokken, vorst en ijs,
toch delen zij één oorsprong.
In God zijn drie personen,
wij bidden tot één God.

Bijzonder vond ik dat men de dag begint met driemaal de beide handpalmen vol water naar het gezicht te brengen om het te wassen in de naam van de Drie-eenheid (iets om te onthouden voor onze vakantie op een natuurcamping!):

De handvol van de God van leven,
de handvol van de Christus van liefde,
de handvol van de Geest van vrede,
Drie-eenheid van genade.

Belangrijkste geschenk van de Keltische traditie is de Goddelijke tegenwoordigheid en bescherming heel dichtbij en hier en nu. God die mij kent, liefheeft, helpt en nabij is.
In gebeden komen de woorden omringen, omvatten, dragen en omgeven het meest voor.
Bijzonder vond ik de gebeden bij alles wat men doet per dag, bijvoorbeeld bedden opmaken, koemelken of de zegen over de weverskam. Het inspireert Esther de Waal om haar eigen gebed niet glad en steriel te laten zijn. Zij kan een zegen vragen over de computer, over het scherm en toetsenbord, de software, de hardware en de elektrische stroom waarop hij werkt. Mooi vind ik ook dit gebed bij het op reis gaan:

Zegen voor mij, o God,
de aarde onder mijn voeten.
Zegen voor mij, o God,
de weg waarop ik ga.
Zegen voor mij, o God,
wat mijn verlangen zoekt.
U die in eeuwigheid bent,
zegen voor mij mijn rust.

Zegen voor mij hetgeen,
waarop mijn geest zich richt.
Zegen voor mij hetgeen,
waarheen mijn liefde gaat.
Zegen voor mij hetgeen,
waarop mijn hoop zich stelt.
O Gij Koning der koningen,
zegen voor mij mijn oog!

Toen ik dit boek las, sloeg ik eerst ook wel gebeden en zegenwensen over, maar langzamerhand kreeg ik er steeds meer gevoel voor en plezier in. De zekerheid, die uit die gebeden straalt van God die van ’s morgens tot ’s avonds en in de donkere uren van de nacht om je heen is… Er worden geen rationele afstandelijke vragen gesteld over het wel of niet bestaan van God, maar steeds weer gaat men uit van de God die rondom je is en in alles aanwezig als drie-eenheid, met de heiligen, engelen en Maria! In al de gebeden is sprake van een grote intimiteit en vertrouwdheid met God.

Niet alleen is er sprake van het goede, ook is een hoofdstuk gewijd aan het kruis, waarbij ze ingaat op het oude archetype van de boom des levens. Een ander hoofdstuk is gewijd aan ‘duistere machten’, waarbij ze de biechtvader ziet als een ‘zielenvriend’, die als een spirituele gids of heelmeester mensen helpt om de eigen levensweg te vinden, die de wonden van de ziel heelt en mensen de ervaring geeft van verzoening en genezing. God is natuurlijk de ultieme zielenvriend, maar onderweg zijn er assistenten of helpers nodig. Vandaar, zegt De Waal, kennen we het mysterie van onderlinge verbondenheid en samenhang.

Genoeg prikkels hoop ik om jezelf te gaan verdiepen in en te laven aan de Keltische manier van bidden.

Tjitske Hiemstra